Actualiteiten

Wij blijven graag up-to-date!

Hier vindt u een overzicht van meest recente artikelen, met thematiek rondom onze specialisaties en interesses.

Snel actualiteiten binnen een bepaald thema vinden? Bezoek een specifieke expertise pagina (overzicht op Onze Expertises) of een persoonlijke advocaat pagina (overzicht op Onze Advocaten).

Aanzegverplichting werkgevers

Sinds 1 januari 2015 geldt op grond van artikel 7:668 BW de zogenaamde “aanzegverplichting” voor werkgevers. De werkgever dient werknemers met een tijdelijk contract uiterlijk één maand voor afl oop van de arbeidsovereenkomst te informeren over het al dan niet voortzetten van de overeenkomst.

Doet de werkgever dit in het geheel niet, dan is aan de betreffende werknemer een vergoeding verschuldigd gelijk aan het maandloon. Informeert de werkgever de werknemer te laat, echter wel binnen één maand voor afloop van de arbeidsovereenkomst, dan is hij een vergoeding verschuldigd ten bedrag van het loon over de
periode dat de verplichting te laat is nagekomen. Een flexwerker kan derhalve eenvoudig geld verdienen door simpelweg niets te zeggen over deze aanzegverplichting. Het is immers de verantwoordelijkheid van de werkgever om de regels van artikel 7:668 BW correct na te leven.

Wat is de gedachte achter deze aanzegverplichting? Met deze bepaling tracht men een stukje onzekerheid voor werknemers met een tijdelijk contract weg te nemen. Bij naleving van de aanzegverplichting weet een flexwerker immers minimaal één maand voor het einde van zijn arbeidscontract of hij op zoek moet naar een andere baan, dan wel dat hij opgelucht verder kan werken. Op die manier wordt voorkomen dat werknemers in het ergste geval tot één dag voor het einde van hun overeenkomst in onzekerheid zitten over hun werkzame leven en wordt bewerkstelligd dat werknemers waarvan de arbeidsrelatie niet zal worden voortgezet, ruimere mogelijkheden hebben om tijdig te solliciteren naar een nieuwe baan. Een werknemer in onzekerheid laten zitten wordt derhalve afgestraft met een verplichting tot compensatie. 

Onderdeel van de aanzegverplichting is daarnaast dat de werkgever zijn tijdelijke arbeidskrachten bij voortzetting van de arbeidsrelatie dient te informeren over de voorwaarden waaronder de arbeidsovereenkomst wordt voortgezet. Heeft de werkgever in het geheel niet voldaan aan zijn informatieverplichting, maar wordt de arbeidsovereenkomst na het verstrijken van de overeengekomen tijd wel voortgezet, dan wordt de arbeidsovereenkomst op grond van artikel 7:668 lid 4 sub a BW geacht te zijn voortgezet voor dezelfde tijd, maar ten hoogte voor een jaar, onder dezelfde voorwaarden als voorheen. 

Kortom, werkgevers dienen zich ervan bewust te zijn dat deze aanzegverplichting voor hen geldt. Niet-naleving daarvan kan immers gemakkelijk tot ongewenste situaties leiden.