Actualiteiten

Wij blijven graag up-to-date!

Hier vindt u een overzicht van meest recente artikelen, met thematiek rondom onze specialisaties en interesses.

Snel actualiteiten binnen een bepaald thema vinden? Bezoek een specifieke expertise pagina (overzicht op Onze Expertises) of een persoonlijke advocaat pagina (overzicht op Onze Advocaten).

Alimentatie en verrekenen

Alimentatie dient als bijdrage in de noodzakelijke kosten van verzorging en opvoeding van de kinderen danwel het levensonderhoud van de kinderen en de ex-partner. Alimentatie mag in beginsel niet worden verrekend met andere vorderingen.

Wanneer bijvoorbeeld de kinderen verzorgd worden door hun vader en de moeder in verband daarmee maandelijks een bedrag aan kinderalimentatie dient te betalen aan de vader mag zij dit bedrag niet verrekenen met bijvoorbeeld geld wat zij nog van hem krijgt voor de aanschaf van schoolboeken of een bepaalde vordering uit de verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap.

Mag kinderalimentatie nooit verrekend worden met andere vorderingen?
Op grond van artikel 6:127 BW heeft iemand recht op verrekening wanneer hij een prestatie te vorderen heeft die beantwoordt aan zijn schuld jegens dezelfde wederpartij en hij bevoegd is zowel tot betaling van de schuld als tot het afdwingen van de betaling van de vordering (lid 2). Er kan niet verrekend worden bij een vordering en een schuld die in van elkaar gescheiden vermogen vallen (lid 3).

Het Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen is van mening dat indien de alimentatiegerechtigde - in het hiervoor besproken geval de vader -toestemming heeft gegeven aan de moeder (de alimentatieplichtige) verrekening is toegestaan. Het LBIO is een instantie die de alimentatiegerechtigde kan ondersteunen bij inning van kinderalimentatie. Uiteraard kunnen partijen zelf afspraken maken tot verrekening.

Gaat een alimentatieplichtige zonder toestemming over tot verrekening dan kan er met behulp van de deurwaarder alsnog worden ingevorderd door de alimentatiegerechtigde. De alimentatieplichtige krijgt als gevolg van de invordering te maken met kosten die aan de deurwaarder voldaan dienen te worden. De vraag of het rechtens juist was om via de deurwaarder tot invordering over te gaan en of het maken van deze kosten terecht was wordt vrijwel nooit ter beoordeling aan de rechter voorgelegd, omdat de kosten voor het aanhangig maken van een dergelijke procedure velen male hoger zijn dan de kosten die de deurwaarder in rekening heeft gebracht.

Een enkele keer werd een dergelijke kwestie toch aan de rechter voorgelegd en bleek uit de jurisprudentie dat toestemming werd gegeven in de volgende gevallen:

  • • verrekening van een overbedelingsschuld;
  • • verrekening van te veel betaalde kinderalimentatie met toekomstige termijnen.


Dit gaat echter om individuele gevallen en dient dus per situatie te worden bekeken.