Actualiteiten

Wij blijven graag up-to-date!

Hier vindt u een overzicht van meest recente artikelen, met thematiek rondom onze specialisaties en interesses.

Snel actualiteiten binnen een bepaald thema vinden? Bezoek een specifieke expertise pagina (overzicht op Onze Expertises) of een persoonlijke advocaat pagina (overzicht op Onze Advocaten).

Dienstverband bij payrolling

Veel bedrijven maken tegenwoordig gebruik van de diensten van payrollondernemingen. De werknemer is in dienst van de payrollonderneming en wordt uitgeleend (gedetacheerd) aan een derde, de inlener. Bedoeling is (onder meer) hiermee te voorkomen dat tussen de werknemer en de inlener een arbeidsovereenkomst ontstaat. Dat een payrollconstructie niet helemaal zonder risico is, blijkt uit een recente (tussen)beslissing van de kantonrechter Almelo. In deze uitspraak werd de payrollconstructie ‘doorkruist’ en had de werknemer volgens de rechter toch een arbeidsovereenkomst met de inlener en niet met het payrollbedrijf, ondanks dat de werknemer met deze laatste een schriftelijke arbeidsovereenkomst had gesloten. De kantonrechter Almelo kwam tot deze conclusie in een ontbindingsprocedure op basis van de partijbedoeling en de feitelijke uitvoering die partijen aan de overeenkomst hebben gegeven. Het payrollbedrijf is volgens de kantonrechter geen uitzendbureau, is nauw verbonden met de inlener en is door de inlener slechts ingeschakeld om de reeds door de inlener geworven werknemers (exclusief) aan haar uit te lenen. De payrollonderneming heeft geen andere opdrachtgevers. De werknemers hadden ook de indruk dat zij bij de inlener in dienst waren getreden. Dat de inlener het loon niet rechtstreeks aan de werknemers, maar aan het payrollbedrijf betaalt, maakt dit niet anders volgens de kantonrechter, omdat materieel gezien het loon afkomstig is van de inlener.

De kantonrechter Rotterdam oordeelde recent dat het afspiegelingsbeginsel (de methode om de ontslagvolgorde te bepalen in geval van bedrijfseconomisch ontslag) diende plaats te vinden binnen de onderneming van de inlener, ook wel de materieel werkgever genoemd. Volgens de kantonrechter moet er soms door de payrollconstructie worden heengekeken naar de totale arbeidsverhouding. Belangrijk hierbij is dat de inlener de volledige zeggenschap over de werknemer heeft en gehouden is het salaris van de werknemer aan de payrollonderneming te betalen. Dit betekent volgens de kantonrechter dat, hoewel er een formele arbeidsovereenkomst bestaat met de payrollonderneming, in het kader van de ontslagprocedure bij het UWV, moet worden aangetoond dat het afspiegelingsbeginsel binnen de organisatie van de materiële werkgever is toegepast. In de Beleidsregels Ontslagtaak UWV is nu opgenomen dat de payrollonderneming de materiële werkgever moet verzoeken het afspiegelingsbeginsel toe te passen. Weigert de materiële werkgever dit, dan kan een ontslagvergunning toch worden verleend. Dit is niet juist, aldus de kantonrechter. Het inlenende bedrijf dient zich er zodoende van bewust te zijn dat het onder omstandigheden jegens de ingeleende werknemer mogelijk toch arbeidsrechtelijke verplichtingen heeft.