Actualiteiten

Wij blijven graag up-to-date!

Hier vindt u een overzicht van meest recente artikelen, met thematiek rondom onze specialisaties en interesses.

Snel actualiteiten binnen een bepaald thema vinden? Bezoek een specifieke expertise pagina (overzicht op Onze Expertises) of een persoonlijke advocaat pagina (overzicht op Onze Advocaten).

Verrekening toegestaan?

Niet zelden zal een zakelijke partner niet alleen uw leverancier zijn, maar tevens uw klant. Door deze wederkerige handelsrelatie zullen (over en weer) vorderingen en schulden ontstaan. Het is dan ook niet ongebruikelijk dat diverse schulden over en weer worden verrekend. Echter, is dit wel altijd toegestaan?

Het recht van verrekening is van regelend recht. Wat met zo veel woorden inhoudt dat verrekening is toegestaan, maar dat het recht van verrekening in een overeenkomst kan worden beperkt, er nadere eisen aan kunnen worden gesteld of dat het recht in zijn geheel kan worden uitgesloten. Verrekening kan vormvrij geschieden. Echter, het verdient aanbeveling om de verrekeningsbevoegdheid schriftelijk vast te leggen.

Voorbeeld uit de praktijk

Een casus uit de praktijk is de volgende: A verkoopt zijn onderneming aan B voor een bedrag van 1 miljoen euro. B rekent de helft meteen af en de nog te betalen 5 ton leent A aan B. Daarnaast komen partijen overeen om in een later stadium de koopprijs van de onderneming aan te kunnen passen aan de door de onderneming geboekte winst. A heeft zijn onderneming immers aan B verkocht en een bepaalde winst gegarandeerd.

Uiteindelijk bleek dat de onderneming minder winst maakte dan waarop was gerekend. Verkoper A had een te hoge prijs verkregen en diende een deel van de koopprijs terug te betalen aan B. Maar B had tevens geld geleend van A. Partijen wensten het verschil tussen de betaalde koopprijs en de aangepaste koopprijs te verrekenen met die lening. Uiteindelijk bleek in deze casus verrekening niet te zijn toegestaan. Partij B was namelijk tevens met de bank overeengekomen dat hij de vorderingen van A zou achterstellen bij vorderingen van de bank. A had er mee ingestemd dat zijn vordering achtergesteld zou worden bij vorderingen van de bank. Bij die overeenkomst bedong de bank ook dat wanneer B een vordering van A zou willen verrekenen met hetgeen B krachtens de overeenkomst van geldlening nog aan A verschuldigd was, hij daarvoor toestemming nodig had van de bank. De verrekeningsbevoegdheid was in dit voorbeeld dus beperkt en niet toegestaan zonder toestemming van de bank.

Men doet er verstandig aan wanneer men de intentie heeft grote bedragen te verrekenen advies in te winnen of men hiertoe bevoegd is en wat de mogelijke gevolgen van een verrekening zijn.